interviews


TCA: tennisclub, familieclub, vriendenclub

De banen van TCA op een van de mooiste locaties in het BosIedere sportclub heeft altijd één lid die alles weet over de club en daar goed over kan vertellen. Een voorzitter komt en gaat - met alle respect voor Ivo Brautigam, de huidige voorzitter - maar Kees Jochems kwam en bleef. We hebben het over TCA, ofwel Tennis Club Amsterdam, die op een van de mooiste plekken in het Amsterdamse Bos over zes gravelbanen met verlichting beschikt. Dit jaar bestaat de club 35 jaar en vinden er het hele seizoen lustrumactiviteiten plaats onder de noemer Extravaganza. Was het ieder jaar maar zo, want gezelligheid past bij de club. Wie een eerder jubileumboek en de clubkrantjes bestudeert proeft een joviale sfeer. Kees Jochems: 'De leden hier zijn hoog opgeleid, maar ze zijn niet elitair. Wij zijn een familieclub en een vriendenclub, waarin iedereen zichzelf kan zijn. Voor kak is geen plaats.'  Jochems kwam in 1978 bij de club, drie jaar na de start van TCA. Hij werd hoofdtrainer en is later ook het clubhuis gaan beheren. Het terras voor het clubhuis is naar hem vernoemd getuige het bordje Kees Jochemsplein. Hij woont op vijf minuten fietsen van zijn werk. Buiten het seizoen geeft hij binnen les bij Amstelpark en in Buitenveldert. 

Voelt TCA zich verbonden met het Amsterdamse Bos? Kees Jochems: 'Ja. Door onze schitterende locatie hier zijn wij vergroeid met het Bos en eraan verknocht geraakt. Je merkt dat ook aan de angst die onder de leden heerst omdat wij hier vroeg of laat weg moeten. Wij willen in het Bos blijven. Wat ook een band met het Bos schept is dat veel jeugdleden, ouders en zelfs veteranen ook hockeyen bij Pinoké, Hurley of Amsterdam.' 

 

Aan het eind van de 'oprijlaan' ligt het terras en het clubhuisOp de ochtend dat wij er zijn wordt er nauwelijks gespeeld, terwijl het mooi weer is. Hoe zit dat? Kees: 'Overdag geef ik samen met mijn collega's Sjoerd Robijn en Charles Verwaijen les en vanaf een uur of drie komen de leden spelen en komt de loop erin. Wat toptennis betreft is het geen bloeiende vereniging, maar we hebben een jeugdplan wat zijn vruchten afwerpt. Van de 200 jeugdleden spelen er 180, van de 500 senioren spelen er 100 wedstrijden, 100 spelen er voor hun plezier en 300 zijn slapende leden of komen sporadisch. Sinds vorig jaar hebben we verlichting en zien we 's avonds een nieuwe lichting spelen, de begin dertigers tot midden veertigers. Tot 11 uur kunnen ze terecht. Wat wel leuk is om te zien is dat leden terugkeren. Op een gegeven moment gaan ze studeren en jaren later worden ze weer lid.'  En het niveau? 'In de regionale competitie spelen we een redelijk tot goed niveau, maar erg ambitieus zijn we niet. Ik denk dat dat past bij onze bescheidenheid.'

 

Aan activiteiten voor kinderen en jeugdleden geen gebrekHier is het tijd om in ieder geval bij Kees Jochems die bescheidenheid weg te nemen. Hij zet zich als geen ander in voor kinderen en dus de jeugdleden. De dag erna komen we terug en zijn - onder zijn leiding - drie banen geheel ingericht met allerlei spelletjes die gerelateerd zijn aan tennis. De kinderen genieten. Kees: 'Jeugdleden die op de basisschool zitten hebben tot en met hun twaalfde verplicht les. Het hele seizoen zijn er jeugdtoernooien, bijvoorbeeld voor kinderen die nog niet goed genoeg zijn voor de jeugdcompetitie. En er is het Boskaboutertoernooi: TCA tegen Festina, het ene jaar hier, het andere jaar daar. Een week lang in juli is er het Zomerkamp (Summercamp) met behalve veel tennis ook een bezoek aan Fun Forest, een rondje midgetgolf en nog meer.'  Ook wordt gespeeld om de Jochems Trofee, zijn eigen toernooi voor senioren. 'Dat dateert uit de tijd dat ik nog geen lid was. Leraar zijn en ook lid van de club bestond toen niet. Daardoor kon ik nooit spelen, wat ik natuurlijk erg miste. Toen heb ik leden uitgenodigd voor mijn eigen toernooi zodat ik kon spelen. Inmiddels ben ik al lang lid en bestaat het toernooi nog steeds.'    

 

Kees Jochems, de spil van TCAIn de zomer gaan de banen van TCA schuil achter het lover en is het een van de idyllische plekken in het Bos, tegenover de hoofdingang van Amsterdamse hockey. Aanvankelijk werden de banen bespeeld door AMVJ, maar deze club moest weg. Via de gemeente en enkele leden van Amsterdam hockey kwam er een nieuwe club, TCA. De eerste leden kwamen van de wachtlijst van Festina. Middenin het eerste clubhuisje stond een boom! In 1984 kwam er het huidige clubhuis, een soort blokhut, dat 151.347 gulden heeft gekost, maar dan wel inclusief zeepbakjes en tosti-apparaten, zo lezen we. Na al die jaren heeft de club nu zorgen over de toekomst. De plannen voor een nieuw hockeystadion hebben mogelijk gevolgen voor de tennisclub. Hoe staan de zaken er nu voor? Kees is stellig in wat hij weet. 'Dat nieuwe stadion komt op deze plek en op het hockeyveld van Hurley dat vóór onze ingang ligt. Er moeten 300 bomen weg, maar over vijf jaar staat het er. Hurley krijgt een veld terug op een speelweide aan de overkant van de Nieuwe Kalfjeslaan in het Bos en wij komen terecht op de plek waar nu het Wagenerstadion is. Dat is ons toegezegd. Een fusie met de personeelsvereniging van ABNAmro, die vijf banen heeft aan de andere kant van het Wagenerstadion, is voor ons kansloos gezien de cultuurverschillen.'

Jochems volgt ook het toptennis. Wimbledon en Roland Garros zijn de toernooien waar hij het liefst naar kijkt. 'Roland Garros natuurlijk ook vanwege het gravel, waar wij hier ook op spelen. Het US Open op die blauwe ondergrond heeft niets met tennis te maken. Gravel is het echte tennis. Het is een natuurprodukt, heeft dus last van schade en is daardoor bewerkelijk. Maar het is de beste ondergrond voor de gewrichten. Je kunt er op glijden.'

Op 2 oktober is het grote slotfeest van het zevende lustrum. Dat er nog vele mogen volgen, maar dan wel in het Amsterdamse Bos.